Veelgestelde vragen over prothesen 2017-10-02T09:33:18+00:00

Veelgestelde vragen

Prothesen

Als u in de spiegel kijkt, moet u allicht even wennen. Uw mond is nu eenmaal een belangrijke blikvanger en die is veranderd. Neem een paar dagen de tijd om te wennen en beoordeel pas dan hoe u er met uw nieuwe tanden en kiezen uitziet.

Uw bovenlip kan er wat ‘voller’ uitzien en uw gezicht wat minder ingevallen. Daardoor kan het zijn dat u en mensen uit uw omgeving aan uw nieuwe uiterlijk moeten wennen.

De eerste uren nadat uw tandarts uw tanden trok, kunnen de wonden nog een beetje nabloeden. Dat kan uw speeksel rood kleuren. Dat duurt niet lang. Even later krijgt uw speeksel weer zijn gewone kleur. Dan zijn de wonden nog niet helemaal genezen.

De eerste 24 uur kunt u beter niet spoelen. Er vormen zich namelijk bloedstolsels in de wonden. Als u spoelt, laten die stolsels los en begint u opnieuw te bloeden. Drinken mag wel.

Gaat het bloeden toch niet over, ondanks alle voorzorgsmaatregelen? Waarschuw dan uw tandarts.
Neem ook contact op als u pijn blijft voelen. Neem in elk geval niet zomaar een pijnstiller. Sommige pijnstillers kunnen het bloeden juist verergeren. Spreek goed af met uw tandarts wat u de eerste 24 uur wel of niet kunt doen.

Uw nieuwe kunstgebit voelt de eerste dag waarschijnlijk niet comfortabel. Het kan klemmen en pijn veroorzaken. Toch mag u het niet uit uw mond halen. Anders past het daarna niet meer goed in uw mond omdat uw tandvlees kan gaan zwellen.

Pas na de eerste dag mag uw kunstgebit voor de eerste keer uit uw mond. Afhankelijk van wat u afgesproken hebt, haalt uw tandarts het eruit of doet u dat zelf. Wees voorzichtig voor de wonden als u het zelf mag doen. Spoel uw kunstgebit af en borstel het schoon. Om uw mond te reinigen, kunt u hem voorzichtig spoelen met lauw water.

Eventueel doet u daar een beetje zout in of een mondspoelmiddel met chloorhexidine zoals Perio-Aid of Corsodyl. Spoelen met lauwe kamillethee kan ook. Na een paar dagen beginnen de wonden te genezen en verdwijnt de pijn. U begint stilaan te wennen aan uw kunstgebit. Dat vraagt wat tijd. De ene persoon went sneller dan de andere.
Hebt u er heel veel moeite mee? Vraag uw tandarts dan om advies.

Uw nieuwe kunstgebit kan in het begin een beetje pijnlijk zijn. Het zit strak tegen uw kaken aan. Op sommige plaatsen misschien wel wat té strak. Daardoor kunnen gevoelige zweertjes, drukplaatsen ontstaan. Door kleine en eenvoudige correcties aan uw kunstgebit kan uw tandarts de pijn wegnemen. Vijl of schuur niet zelf aan uw kunstgebit.

Voor een goed resultaat is het belangrijk dat u probeert om uw kunstgebit toch in uw mond te houden. Probeer er direct mee te praten en te eten. De tandarts controleert uw kunstgebit enkele dagen tot weken nadat het in uw mond zit. Besluit u vanwege de pijn of de onwennigheid toch om uw kunstgebit uit te doen? Doe het dan minstens een halve dag vóór u naar uw tandarts gaat weer in. Anders zijn de drukplekken niet duidelijk zichtbaar. Laat u er niet toe verleiden om uw oude kunstgebit te snel weer in te doen. Het is dan moeilijker wennen aan uw nieuwe gebit. Met uw nieuwe kunstgebit is het vaak een kwestie van doorzetten.

Eten met uw nieuwe kunstgebit is wat onwennig. Zeker in het begin zult u voorzichtig aan doen. U ervaart zelf het best wat wel en wat niet kan.
Neem de eerste dagen zacht voedsel, zoals puree, gehakt en zacht fruit. Probeer enkele dagen daarna een stukje vis en een aardappel. Weer later kunt u dingen eten zoals vlees of een appel. Stukken afbijten kunt u met een kunstgebit beter niet doen. Snij uw eten daarom in stukjes en kauw rustig en gelijkmatig met uw nieuwe kunstkiezen. Neem zowel links als rechts wat eten in de mond. Neem er wat meer tijd voor dan u gewend was.

Met uw nieuwe kunstgebit praat u in het begin wat onwennig. U lispelt bijvoorbeeld. Of bepaalde klanken klinken anders dan u gewend was. Het is alsof u met een volle mond praat. Dat is normaal. Uw mond moet nog wennen aan uw nieuwe kunstgebit. Meestal gaat het na een paar dagen een stuk beter. Oefen extra met die woorden of letters die nog niet helemaal naar uw zin klinken. Lees bijvoorbeeld de krant luidop.

Uw kaken hebben wat tijd nodig om te wennen aan uw kunstgebit. Laat uw kunstgebit de eerste week dan ook ’s nachts in uw mond zitten. Daarna is het juist beter om het uit te doen vóór u gaat slapen. Dat geeft ook uw kaken rust. Vindt u het vervelend om met een lege mond te slapen? Doe dan alleen uw ondergebit uit. Wilt u toch uw hele kunstgebit dag en nacht dragen? Laat uw tandarts uw mond en uw kunstgebit dan minstens één keer per jaar controleren.

Hebt u uw kunstgebit niet in uw mond? Bewaar het dan in een glas water. Ververs het water elke dag. Spoel uw kunstgebit altijd goed af met water voordat u het weer in uw mond doet.

Ook met een kunstgebit is het aan te raden dat u minstens één keer per jaar naar uw tandarts blijft gaan. Om pijn te voorkomen en om op tijd te kunnen constateren dat uw kunstgebit los gaat zitten. Ga dus ook als u geen klachten hebt. Misschien slinken uw kaken wel? Meestal gebeurt dat zonder dat u daar zelf iets van voelt. Uw tandarts kan uw kunstgebit weer beter laten passen. Of hij kan u op tijd aanraden om een nieuw kunstgebit te nemen – meestal na een jaar of zeven. Want ook op een kunstgebit komt sleet.

Bovendien controleert uw tandarts of uw mond nog gezond is. Vooral als uw kunstgebit minder goed past of als u uw kunstgebit al jaren draagt, kan dat voor vervelende afwijkingen zorgen aan uw mond.

Als u tanden mist en die niet laat vervangen, kan dat verschillende gevolgen hebben. De tanden ernaast kunnen zich verplaatsen naar de open plek. Een ander mogelijk gevolg is een verdere doorbraak van de tegenoverliggende tand tot voorbij het normale niveau. Daardoor blijven etensresten soms vastzitten of krijgt u problemen met tandwortels of tandbederf. Het ergste gevolg van ontbrekende tanden is kaakatrofie: het bot in uw kaak wordt stilaan afgebroken.

Hybride prothese of klikgebit

Er zijn allerlei kleefpasta’s, poeders en ‘voeringen’ op de markt om uw kunstgebit meer houvast te geven. Eigenlijk zijn al die middeltjes noodoplossingen: ze nemen de oorzaak van het probleem niet weg. Als uw kunstgebit los gaat zitten, is het verstandig om even langs te gaan bij uw tandarts. Die ziet meestal meteen wat er aan de hand is, en kan u het beste advies geven.

Of implantaten mogelijk en verstandig zijn, hangt af van verschillende factoren:

  • U moet genoeg kaakbot hebben om implantaten in vast te laten groeien. Om te beoordelen of u genoeg kaakbot hebt, maakt uw tandarts röntgenfoto’s. Als uw kaak te smal of te laag is, hebt u eerst een operatie nodig om uw kaak geschikt te maken met een bottransplantatie.
  • Het tandvlees van uw nog aanwezige tanden en kiezen in de tegenoverliggende kaak moet gezond zijn. Anders moet uw tandarts of een parodontoloog uw tandvlees eerst nog behandelen. Vóór die behandeling neemt uw tandarts eerst een kweekje om te kijken of er schadelijke bacteriën in uw tandvlees zitten.
  • Uw eigen motivatie is een absolute voorwaarde voor een succesvolle behandeling met implantaten. Ook goed onderhoud en goede mondhygiëne zijn cruciaal voor succes.
  • Nicotine heeft een negatieve invloed op de gezondheid van uw mond en de genezing van wonden. Rokers hebben dan ook vaker last van nieuwe implantaten. Daarom raden we u aan dringend te stoppen met roken.

De resultaten van een klikgebit op implantaten zijn goed. In de praktijk blijkt dat 90 tot 95 procent van de implantaten na tien jaar nog goed functioneert. Verder vinden mensen een klikgebit een forse vooruitgang tegenover een gewone prothese. Heel af en toe groeit een implantaat niet goed vast of laat het na verloop van tijd los. Dan haalt uw tandarts het implantaat weg en stelt hij uw behandelplan bij. Daardoor duurt de behandeling wat langer en wordt ze duurder.

Om uw implantaten goed te laten ingroeien, is het belangrijk dat u ze niet extra belast. Bespreek dit best met uw implantoloog.

De kans is klein, maar soms komen deze bijwerkingen wel voor:

  • Het operatiegebied kan dik en pijnlijk worden (soms met een bloeduitstorting). Dat wordt na twee tot drie dagen vanzelf minder.
  • Een implantaat groeit soms niet goed vast of kan na verloop van tijd loskomen. Dat gebeurt vooral bij rokers of bij slechte mondhygiëne.
  • Als uw arts implantaten inbrengt in uw onderkaak, kan een gevoelszenuw gekneusd raken. Daardoor kunt u een ander gevoel krijgen in uw onderlip. De gekneusde zenuw heeft wat tijd nodig – soms een paar weken – om te herstellen.
  • De wonde kan wat nabloeden. Gaat het om een echte bloeding die niet vanzelf stopt? Doe dan een opgevouwen verbandgaasje op de wonde en bijt daar een half uurtje op.
  • Heel af en toe krijgen mensen koorts. Als dat meer dan 39°C wordt, neem dan meteen contact op met uw implantoloog.

Voor duurzame implantaten is goede mondhygiëne cruciaal. Als u etensresten of plak rond uw implantaten laat zitten, kan uw tandvlees ontsteken waardoor uw implantaten hun houvast verliezen. Ze gaan los zitten en dat kan pijn doen.

Allemaal redenen om deze poetsinstructies altijd goed op te volgen:

  • Maak uw implantaten schoon met een zachte tandenborstel, ragers, een brugnaald of superflossdraad.
  • Poets twee keer per dag het deel van het implantaat dat boven uw tandvlees uitsteekt: besteed extra aandacht aan de overgang van het implantaat naar uw tandvlees.
  • Maak de ruimte onder het verbindingsstuk schoon met ragers.
  • Spoel een week met een mondspoelmiddel zoals chloorhexidine 0,2% of 0,12%: goed voor gezond tandvlees.

Laat uw klikgebit en uw implantaten één tot twee keer per jaar controleren door uw tandarts.

Ja, dat wordt regelmatig gedaan en kan snel.
Meer zelfs: ben u 70 jaar of ouder en raakt u uw prothese na een jaar nog niet gewoon? Dan betaalt het RIZIV twee implantaten en het verankeringssysteem in uw onderkaak bijna helemaal terug.